Joos zijn tuin

Joos: 30 jaar geleden kon hij zijn etage kopen, op de begane grond. Een eenvoudig huis, maar met een tuin van 10 x 7.5 meter. Net goed van maat. Ik kon dat in een weekend weer gefatsoeneerd krijgen als ik kwam logeren. (we hadden een lat-relatie). Zoals het tuintje er bij lag toen hij kwam, was het deprimerend. Een miezerig grasveldje – je moet geen grasveldje nemen in een kleine tuin, die ook nog eens tussen de hoge gebouwen staat. Maar de tulpen van de vroegere bewoonster komen nog steeds ieder jaar op! Mijn ontwerp kun je zien op bijgevoegde tekening. Er kon een vijvertje in – met Dotters. Een fontein. Een verhoogd gedeelte met een muurtje eromheen wat je leuk kon laten begroeien, en achter in de tuin een goede plek voor een zitje.

Er stonden roze Hortensia’s in, en er zijn andere kleuren aan toegevoegd. De trots zijn de twee Camelia’s, nu 4 meter groot, speciaal gekocht bij een kweker die ze uit Nieuw Zeeland haalde, en met kleuren die je verder nergens ziet. De C. Desire, tweekleurig, vloeiend van roze naar wit en met veel bloemblaadjes; en een rode gestreepte waarvan ik de naam niet meer weet. De beschutte plek (geen zon voor 12 uur, achter een schutting, en op de vruchtbare turf-achtige grond) was ideaal. De heel vroege bloei was een extra vreugde. (deze staan nog niet op de tekening). Ook een speciale trots waren de Helleborissen. Hij had zeldzame zwarte en witte, bloei al in januari. Een geweldige Prunus moest telkens worden ingekort; en in het minieme plekje achter de Prunus hebben we een Kerria Japonica (gele pompoentjes) gezet, die het daar nog deed ook. De combinatie was niet geweldig, hoewel Joos dat bonte juist leuk vond.

Omdat de grond nog steeds inklinkt, zakt ze lager dan het straatje voor de keuken. Voor de tegels die de afscheiding vormden, was een spleetje aarde ontstaan. Ik heb daar eens een stel Crocusbolletjes geplant, langs de hele rand, van links naar rechts. In het voorjaar was Joos dat allang weer vergeten, en hij belde me heel verbaasd: ‘weet je dat er mysterieuze plantjes opkomen langs de tegels?’ Dat vond hij enig, en nadat de bolletjes uitgebloeid waren, zetten we er kleine, paars met oranje viooltjes in. Die rand stond spectaculair-schattig!

De lievelingsroos was de Westerland, zacht oranje en geurend. Twee witte klimrozen hadden we ook, naast elkaar geplant bij de schuur. De ene was een gewone Sneeuwwitje, maar de andere een Rambler, en die bleek bijna niet in toom te houden. Overweldigend! Door elkaar heen stond het bijzonder mooi. Het verzamelen van speciale planten was meteen een doel voor onze tochtjes met de kampeerbus. Joos ging veel liever naar kwekers dan naar tuincentra, de laatste eigenlijk liever helemaal niet.

Toen hij daar dit jaar niet meer kon wonen was het afscheid uit den Haag zwaar. Zijn buurtje, de buren, zijn ‘roots’ in den Haag, maar vooral zijn tuin. Op 8 oktober was zijn laatste verjaardag. Toen was hij daar om samen met mijn schoonzoon Wim de laatste spullen op te halen. Toen was Ton ook gevraagd om het onkruid weg te halen om het huis te kunnen verkopen. Ton deed zo eens per jaar het grote werk, snoeien etc. Ton had taart, de buurvrouw kwam toevallig vroeg thuis van haar werk, het was mooi weer, en dat laatste samenzijn heeft het Joos mogelijk gemaakt om den Haag los te laten. Op zijn nieuwe adres, een aanleunwoning in Bussum, wachtte ik hem op met brandende kaarsen, weer taart, port, sigaartje en een gek kerstboompje met lichtjes. Dat vond hij nog het mooiste.

Op zijn nieuwe adres werd een nieuwe tuin aangelegd door mijn dochter. Enkele dierbare planten meegenomen uit den Haag, en uitbundige Chrysanten, kleine en grote violen, en een berg bollen zoals 3 soorten roze tulpen, drie soorten kleine Narcissen, Crocussen etc. voor het voorjaar. Muziek voor een toekomst die niet meer kwam. Op 27 oktober stierf hij in zijn slaap.

2013

0 antwoorden

Plaats een Reactie

Meepraten?
Draag gerust bij!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *